Oorlogswonden
In het zijvak van mijn rugzak zit een handvol lekkere fijne naaldjes. Perfect om je blaren mee lek te prikken. De injectiespuit zit er nog aan vast, ik kon de naalden niet los meekrijgen in de apotheek. Nu lijkt het alsof ik elke dag een shotje zou kunnen zetten. Ik prent mezelf in dat ik ze, voor we op het vliegtuig stappen, weg moet doen. Ik zou niet graag in mijn beste Spaans uitleggen dat ze bedoeld zijn om onze voeten te verzorgen.
Het is een rare reis. Nooit hadden zoveel mensen blaren. Ook de geoefende wandelaars lopen met pijn en zijn elke avond in de weer om de voeten weer op te lappen voor de volgende dag. We kunnen geen enkele reden verzinnen waarom er zoveel blessures zijn. Het is niet uitzonderlijk warm, de tocht is niet erg zwaar en we lopen geen eindeloze kilometers.
Morgen komen we aan in Compostela. Ik kijk er naar uit. Het einde van de reis in zicht en we gaan het met zijn allen halen. Er is veel aandacht en liefde voor elkaar in onze wandelfamilie. De hele twee weken valt er geen onvertogen woord of laait de irritatie hoog op. Daardoor kunnen we de blessures, de vertraging en het aanpassen van de plannen goed verdragen.
Het lijkt het echte leven wel maar dan teruggebracht tot de essentie. Slapen, bewegen, eten! Morgen beklimmen we gewoon weer de volgende berg.
Reacties
Een reactie posten