Opschuifhut
Met de folders in de hand lopen de politiekers het terras op. Wij zitten net aan de koekjes met confituur en de de pelpinda’s. Op de parkeerplaats een auto met een soort megafoon bovenop waaruit blikkerige muziek klinkt. We hoeven geen folder maar krijgen een pen uit naam van de christendemocraten denk ik. Zeker ben ik niet want de politieke kleuren van Portugal heb ik niet voor handen.
Wanneer we bij het weggaan een pen achterlaten komt de cafébaas hem achterna brengen. Hou maar, gebaren we. Driftig schudt hij van nee, hij tilt met een hand zijn versleten grijze trui naar boven om het rode shirt met hamer en sikkel te onthullen. We hebben hier te maken met een verstokt communist. Zijn hele café hangt vol met foto’s en attributen die herinneren aan Che Guevara. Hij deelt voor we weggaan ook nog rap stickers uit met de afbeelding van de Cubaan.
De tocht vandaag is zwaar. We zuchten en steunen en delen pijnstillers en rugzakfossielen. Er is altijd nog wel iemand die een versteende energiereep vanonder zijn sokken vandaan kan halen. Het zou amper vijftien kilometer zijn. Het ziet er naar uit dat ze de hut waar we vanavond zullen slapen steeds een stukje op schuiven.Volgens mijn afgelegde kilometers op de telefoonapp hebben we al zeker twaalf kilometer gelopen wanneer er een bordje met de naam van onze hut langs het pad staat en daarachter vijfeneenhalve kilometer. Het bestaat niet dat we nog meer dan een uur moeten stappen voor we er zijn. Wanhopig proberen we de moed erin te houden.
Wanneer iemand vraag hoe ver we nog moeten kijk ik op mijn app en haal stiekem 500 meter van de afstand af. Geen idee wie ik voor de gek houd maar voor mij lijkt het daardoor beslist dichterbij.
Reacties
Een reactie posten