Hatsjie
De mevrouw van de apotheek doet het voor, ze houdt haar hand voor haar mond en roept hatsjie, hatsjie. Het pakje medicijnen in haar hand moet ons behoeden voor verder hoesten en proesten.
We zijn alle twee snipverkouden. De zakjes moeten we oplossen in warm water. Er zit paracetamol in en ook nog wat andere Spaanse wondermiddelen. Met een vertrokken gezicht giet mijn lieve schoonzus het goedje naar binnen. Het doet echt wel iets zegt ze hoopvol.
Een paar dagen later ben ik aan de beurt. Het water loopt uit mijn neus. Neem een zakje zegt ze. Het spul smaakt zo smerig. Een combi van Vicks Vaporub en citroenzuur. Na een keer laat ik het goedje aan me voorbij gaan. Doe mij maar een lekkere dosis paracetamol. De hele dag blijf ik het spul opboeren.
Een meneer met een schattig hondje steekt ons elk een sinaasappel toe. De extra vitamientjes komen als geroepen. Mijn regenjas die zo jammerlijk wegwoei is nog niet vervangen. Ik zoek in elke winkel die we tegenkomen.
Wanneer we vroeg onze herberg verlaten vraag de gastheer of het gelukt is met de jas. Wanneer ik wat droevig vertel dat ze nergens een regenjas of poncho hebben gaat ie naar zijn kamer en geeft me zijn eigen regenjas. Hij gaat toch niet naar buiten als het regent.
Reacties
Een reactie posten